Boerderijruïne

Aanleg autosnelweg A28

In de jaren zestig van de vorige eeuw ging mijn vrouw als kind met haar ouders vanuit de stad Groningen wel eens op bezoek bij haar familie in Oosterbeek. Een enkele autorit duurde toentertijd minstens drie uur. Dat is dan nog zonder tussenpauze, dus al met al waren ze soms wel vier uur onderweg. Ze bleven daarom meestal overnachten in Oosterbeek, om de volgende dag de terugreis naar Groningen aan te vangen.

Vandaag de dag kun je dezelfde autorit van Groningen naar Oosterbeek in nog geen twee uur afleggen. Tenzij er een file onderweg staat. De route gaat dan voornamelijk over de autosnelwegen A28 en A50. Het deel van de route door Drenthe over de A28 is qua afstand zelfs nog langer dan dat uit de zestiger jaren. Immers toen ging je bij Assen via de Drentse Hoofdvaart rechtstreeks naar Meppel, terwijl de A28 via een omweg over Hoogeveen gaat.

Voor de gemeente De Wolden, alsook voor de provincie Drenthe, is de A28 tegenwoordig van groot belang. Maar deze autosnelweg heeft er niet altijd gelegen. Het deel door Drenthe is nog minder dan een halve eeuw geleden opengesteld. Hoe een en andere tot stand is gekomen staat hieronder in het kort beschreven.

Rijkswegenplan
Op 19 december 1906 vond in het parlement een debat plaats over de toekomst van het automobilisme. Kamerlid Lely (u weet wel, die van de Afsluitdijk) verzocht daarbij de regering om snel met een plan te komen voor een landelijk net van hoofdwegen die voor autoverkeer geschikt waren en "waarvoor de provinciale hoofdsteden onderling zoodanig verbonden worden, dat men elk dier steden met snelheden van 60 tot 80 en wellicht meer KM kan bereiken”.

In 1909 reden er nog weinig auto’s in ons land, er waren slechts 1500. In 1913 was dit aantal gestegen naar 4000. Pas op 28 juli 1915 diende Lely, inmiddels minister, een wetsvoorstel in om de meest drukke verbindingen te verbeteren. Daartoe kwam er het Rijkswegenplan 1915. De Eerste Wereldoorlog gooide voor dit plan echter roet in het eten. In de decennia daarna, mede door het toegenomen aantal auto’s, zijn er meerdere Rijkswegenplannen opgesteld. Achtereenvolgens in de jaren 1927, 1932, 1938, 1948, 1958, 1968 en 1984. In eerste instantie ging het hierbij alleen om rijkswegen, pas in 1938 is er voor het eerst sprake van autosnelwegen. Twee jaar daarvoor had het toenmalige Ministerie van Verkeer en Waterstaat een circulaire gepubliceerd met een definitie van een autosnelweg: een weg met gescheiden rijbanen, ongelijkvloerse kruisingen, vaste bruggen en weinig aansluitingen met andere typen wegen. Overigens was tot een paar jaar daarvoor Rijkswaterstaat geen voorstander van autosnelwegen. Mede op aandringen van de ANWB en de in 1927 opgerichte Nederlandsche Vereniging voor Autosnelwegen (NEVAS) staakte Rijkswaterstaat het verzet. In het Rijkswegenplan 1932 kregen de rijkswegen allemaal een uniek nummer. Deze nummering is later voor een deel overgenomen bij de autosnelwegen.

De eerste autosnelweg van Nederland was de A12 tussen Voorburg en Zoetermeer en werd op 15 april 1937 opengesteld. In 1943 had Nederland zelfs het op één na grootste snelwegennet van Europa met 111 kilometer autosnelweg. De aanleg van nieuwe autosnelwegen had direct na de Tweede Wereldoorlog minder prioriteit in verband met de wederopbouw van ons land. Daarom zijn een groot deel van de Nederlandse autosnelwegen pas in de jaren zestig en zeventig aangelegd.

Openstellingen trajecten A28
De A28 loopt van het verkeersplein Rijnsweerd even ten oosten van Utrecht naar het Julianaplein aan de zuidkant van de stad Groningen. Deze autosnelweg is tussen 1961 en 1986 geopend en heeft een lengte van ruim 187 kilometer. Hieronder een opsommingen van de openstellingen van de langere trajecten door de jaren heen.

Opvallend is het grote tijdsverschil tussen de laatste openstelling en alle voorgaande. Meer daarover later in dit artikel.

Het traject door Drenthe
In de hierboven genoemde Rijkswegenplannen lag vrijwel het gehele traject van de A28 nagenoeg vast. Zowel het deel van Utrecht tot Meppel als het deel van Assen naar Groningen. Echter over het deel tussen Meppel en Assen waren lang onduidelijkheden. Het lag natuurlijk voor de hand om het langs de Drentse Hoofdvaart aan te leggen. Daar is om onduidelijke reden niet voor gekozen. Daarnaast was er vanuit Meppel de A37 richting Hoogeveen en Emmen gepland. Omdat er inmiddels een enkelbaans autoweg met gelijkvloerse kruisingen van Assen richting Hoogeveen lag, zijn ze op gegeven moment begonnen met de autosnelweg van Assen naar Pesse.

Bij graafwerkzaamheden aan de A28 in de buurt van Pesse vond een plaatselijke landbouwer het oudste vaartuig ter wereld. Het is een boomstamkano die ongeveer 10.000 jaar geleden met een bijl gemaakt is uit de stam van een grove den. De kano is drie meter lang en 44 centimeter breed. Hoewel er in eerste instantie twijfels waren of men wel met deze kano kon gevaren, bleek uit experimenten met een replica dat dat wel degelijk mogelijk was. Tevens bleek dat de kano stabiel in het water lag. De kano is nu in het bezit van het Drents Museum.

Vanuit Meppel zou in eerste instantie via wat nu de N375 is de A28 richting Pesse doorgetrokken worden. Dat was voor Hoogeveen een ongunstige optie. Uiteindelijk heeft men er voor gekozen om het deel van de A37 tussen Meppel en Hoogeveen bij de A28 te trekken. Mogelijk heeft de toenmalige burgemeester van Hoogeveen daar een rol in gespeeld. De A37 is toen vanaf het nieuwe knooppunt Hoogeveen naar Emmen en Duitsland aangelegd.

Op de planning en de realisatie van de A28 door onze gemeente had het lokale bestuur weinig invloed. Het was een “feestje” van de rijksoverheid. Bijzonder om te vermelden is dat vlak bij de Ossesluis vanaf 1961 een aantal jaren een kaal enkelbaans viaduct heeft gestaan, zonder op- en afrit. Dat was in een periode dat het traject van de A28 formeel nog niet vast stond. Toen uiteindelijk de plannen voor de A28 hun definitieve vorm kregen, is er een tweede viaduct naast gebouwd en kon het gehele traject in tweede helft van de jaren zeventig voltooid worden. Al met al had het, in combinatie met de later verbrede en omgelegde Hoogeveens Vaart, tot gevolg dat in de beginjaren zeventig een aantal woningen en boerderijen rond de Ossesluis gesloopt zijn. Slechts het huis van de sluiswachter bleef gespaard.

Laatste traject A28
Het laatste traject van de A28 dat voor het verkeer werd opengesteld was op 29 oktober 1986. Dat deel loopt van knooppunt Rijnsweerd naar Amersfoort-Zuid. Deze opening was vijftien jaar later dan gepland, hoewel het in feite al die jaren al gereed was. Er was namelijk nogal wat gedoe over de vergunningen voor de bouw van enkele flats in Zeist vlak langs het traject. Mede vanwege de nieuwe Wet geluidhinder moest er uiteindelijk een geluidsscherm komen tussen de flats en het asfalt. Dit bijzondere geluidsscherm staat bekend als de luifel van Zeist en was pas in 1985 gereed.

In de zomer van 1985 heb ik als een van de weinige automobilisten dit traject al mogen rijden. Ik had daar namelijk speciale toestemming voor gekregen. Gedurende datzelfde voorjaar had Rijkswaterstaat vanuit het hele land veel klachten gekregen van hun wegbeheerders, dat langs bijna alle autosnelwegen bij veel bomen grote delen waren afgestorven. Vooral aan de zijde van een boom die naar de weg was gekeerd. Staatsbosbeheer is verantwoordelijk voor de beplanting langs autosnelwegen en zij stelden mij aan om naar die schade onderzoek te doen. Voor een eerste inventarisatie van de schade heb ik toen in één week alle autosnelwegen van Nederland afgereden.

1985 jaar was het jaar dat Evert van Benthem voor het eerst de Elfstedentocht won. Logischerwijs was er dat jaar sprake van een strenge winter. Nu zou je kunnen denken dat vorst de oorzaak van die schade zou kunnen zijn. Echter uit mijn onderzoek bleek dat een combinatie van een lange droge periode in de eerste twee maanden van dat jaar en het veelvuldig strooien van zout voor de gladheidsbestrijding de reden was voor die sterfte. Het strooizout op het wegdek zal bij langdurige droogte opdrogen en door het verkeer opstuiven. Vooral vrachtwagens hebben dan hele stofwolken zout achter zich aan. Door de wind komt dat zout vervolgens op de takken terecht en omdat er in die droge periode geen neerslag (zowel sneeuw als regen) valt, kan het niet van de takken afspoelen. Daardoor zal het zout op het hout overdag bij zonneschijn inbranden en zodoende de takken doen afsterven. De reden dat ik het nieuwe traject van de A28 wilde rijden was vanwege het feit dat er op die maagdelijke autosnelweg nog nooit zout gestrooid was. Daar bleek dus ook geen schade door strooizout aan de bomen.

Tot slot
Het traject van de A28 is de afgelopen halve eeuw nagenoeg onveranderd gebleven, behalve natuurlijk dat meerdere wegdelen met een extra rijbaan verbreed zijn. Wel is het aantal voertuigen aanzienlijk toegenomen in vergelijking met de jaren zestig. Toentertijd had je zelfs nog bermtoerisme, dat kun je vandaag de dag bijna niet meer voorstellen.

De informatie in dit artikel komt voornamelijk van de Wegenwiki op het internet. www.wegenwiki.nl/A28