Boerderijruïne

British Columbia

  • Mar 10, 2022 12:00
  • Passage uit “Mijn vogels, belevenissen van een vogelaar”

De volgende passage komt uit mijn boek “Mijn vogels, belevenissen van een vogelaar” en gaat over een reis naar British Columbia in 2005.

De volgende ochtend staan we vroeg op, we moeten om negen uur bij de boot zijn. De weersverwachting is goed, dus 34 goedgemutste passagiers stappen in. We varen de Johnstone Strait op, in zeevaartbegrippen een smalle zeestraat tussen Vancouver Island en het vasteland. Het begin is gelijk goed, langs het water zit in een grote boom het nest van een Amerikaanse zeearend. Hun jong is goed te zien vanaf de boot. Even later ligt op een rotspunt een aantal zeehonden. Op een strand aan de overkant loopt een zwarte beer rustig te zoeken naar wat eetbaars. Ze laten zich allemaal goed bekijken. Op het water is het niet minder, twee zee-eenden, de brilzee-eend en de grote zee-eend. De bandijsvogel zit tevreden op een meerpaal te wachten op een visje. De grauwe franjepoot zien we ook, die stond al jaren hoog op mijn verlanglijstje. Bij deze vogel, evenals bij andere franjepoten, zijn de mannetjes onopvallender gekleurd. Zij broeden de eieren uit en verzorgen de jongen.

Maar we komen voor de walvissen. Na een uurtje varen krijgt de schipper via zijn zender te horen waar een groep orka’s zwemt. Een tweede zwarte beer laten we lopen en stomen we op naar de doorgegeven plek. Als eerste zien we een mannetje, met zijn gigantische rugvin. Hij komt vlak langs onze boot, tot grote vreugde van de beide dochters. Uiteindelijk zwemmen er twaalf orka’s rond onze boot. De schipper vertelt dat deze groep permanent in dit gebied aanwezig is. Zij leven hoofdzakelijk van de grote hoeveelheid zalm in de wateren rondom Vancouver Island. Op de terugweg wacht ons een letterlijk grote verrassing. Een bultrug van ongeveer vijftien meter lang zwemt door de zeestraat. Daarbij is de weersverwachting deze dag volledig uitgekomen. Tijdens de terugtocht is het echt nagenieten in de volle zon op het dek van het schip. Wat een prachtige dag!

Uit het hoofdstuk “Rondreizen Noord-Amerika” pagina 83.


Terug naar overzicht