|
FietservaringZoals bijna elke Nederlander fiets ik al van jongs af aan, echter in 1990 ben ik serieus op de racefiets gestapt. Ik woonde toentertijd in Utrecht en had een baan in Naaldwijk. Dit betekende dat ik elke werkdag met de auto van en naar Naaldwijk moest rijden. Met name de terugweg leverde als bestuurder, vaak vanwege de vermoeidheid, wel eens onplezierige momenten op. Hoewel ik een goede betrekking had, besloot ik om in de buurt van Utrecht een baan te zoeken, zodat ik met de fiets naar het werk toe kon. In 1990 kreeg ik een baan bij de toenmalige gemeentepolitie Hilversum. Om mijn eigen belofte gestand te houden, ben ik dagelijks gaan fietsen, hemelsbreed een afstand van ongeveer 15 km. In het begin nog met een gewone fiets, maar al snel heb ik een racefiets aangeschaft en ben ik daarna in figuurlijke zin niet meer afgestapt.
In Utrecht heb ik een vriend die regelmatig op zondagochtend een tocht ging
fietsen met een groep vrienden van hem. Daar ben ik op gegeven moment ook
mee gaan fietsen, met tochten in de omgeving van Utrecht van 80 tot 100
km. Het "fietsvirus" had mij op gegeven moment te pakken, want ik
heb zelfs twee maal met een wielerkoers mee gedaan. De eerste was geen succes, dat
was met het Nederlands kampioenschap voor politieambtenaren in Amersfoort.
Ik reed toen met de veteranen mee, maar die gingen harder dan ik gedacht had.
Na een paar rondjes vloog ik letterlijk uit de bocht. Met onze fietsgroep uit Utrecht hadden we op gegeven
moment besloten om een weekje te gaan fietsen in een land aan de Middellandse
Zee, met de bedoeling om elke dag een paar bergen over
te fietsen en ’s avonds lekker te eten en drinken. In 1995 was de eerste
bestemming Toscane in Italië. Daar is ook de naam van onze fietsclub uit
ontstaan, namelijk LBK.
Met onze fietsclub LBK hebben we een groot aantal bergen beklommen, waaronder enkele aansprekende cols, zoals de Galibier en de Tourmalet. Hiervoor dien je wel de nodige training in je benen te hebben, want zo’n berg fiets je niet een-twee-drie even op. Nu zijn er in Nederland geen bergen om te trainen, dus belangrijk is dat je veel fietst. Nu ga ik nog steeds bijna dagelijks op de racefiets naar het werk, dus dan heb ik op zo’n dag weer 30 km gereden. Daarnaast ga ik regelmatig op de racefiets naar familie of vrienden. Het gebied mij te zeggen dat ik meestal met de auto terug ga, mede omdat het vaak al avond is geworden. Elk jaar ga ik regelmatig van Koekange naar Groningen, over een afstand van 70 km. Maar zelfs van Koekange naar Oss heb ik al eens gefietst, een afstand van 150 km. Terug naar Alpe d'HuZes. |